de waternamen ‘Grúts’ en ‘Grúsert’

Onder ‘oude stroomgeulen’ noemt Karel F. Gildemacher onder andere: ‘De Grúts ten noorden van Burum was een geul die vanuit de Lauwerszee ver het land inliep. Gezien de naam (er is verband met gruis, kiezel) zal er veel stroming zijn geweest’ Gildemacher 2015, p. 78
En over het stroomgebied van de Lauwers noemt deze auteur: ‘De Grúts was een wat grotere [geul] in deze streek. Die mondde voor de inpoldering van het Ooster Nieuwkruisland uit in de Lauwerszee.’ (p. 39)
De Grúsert wordt in deze publicatie niet genoemd, wel in een eerdere publicatie van dezelfde auteur. Zie Gildemacher 1993, p. 279-283 Van belang is zijn opmerking dat ‘er veel stroming [zal] zijn geweest’ door de open verbinding met de Lauwerszee, met eb- en vloedstromen. En daarmee in verband het gruis, het zand, dat bij een sterke stroming nog wel kan bezinken, in tegenstelling tot kleinere deeltjes zoals zavel en klei, die pas in rustig(er) water bezinken. Een en ander kan ook gelden voor de Grúsert, die in open verbinding met de Middelzee stond, en lag aan de monding van een lange en brede geul langs Kleaster Anjum, Ried, Boer, tot voorbij Dongjum. De eb- en vloedstromen zullen hebben verhinderd dat zavel en klei konden neerslaan. Alleen grof zand en wellicht schelpengruis (skil) konden bezinken.
… meer over de Grúsert
… reageren? via het contactbericht onderwerp: ‘waternamen

v00.01 © Herre van Dokkumburg – za 09-01-2016